Skip to content

De jeugd van tegenwoordig

Volksvertegenwoordigers, BN-ers en burgervaders spraken er in 2016 schande van. Ze hadden met eigen ogen gezien hoe jongeren en plein public en met veel verbaal geweld het gebied voor de buurtsuper in Zaandam ‘terroriseerden’. Vervolgens werden dit soort treitervlog’s een regelrechte mediahype. Een beetje stoer hangen met je matties, videos maken met je telefoon alsof het allemaal belangrijk is en op zoek gaan naar een relletje; normaal gesproken houdt het de wijkagent bezig, maar niet de minister-president. Zijn relaas was opvallend te noemen. Feitelijk was er van criminaliteit dan wel terreur (behoudens een klein vechtpartijtje) geen sprake geweest. Of moet hij met het ‘tuig van de richel’ gewoon asociaal gedrag onder pubers bedoeld hebben?

a-socialiteit

Dat a-socialiteit niet van gisteren is, weten we in Nederland al wat langer dan vandaag. Vroeger had je de harde kern van de nozems, de punkers, en de gabbers; allemaal groepen van hoofdzakelijk jonge mannen die uitgesproken vervelend konden doen en elkaar opzochten vanuit allerlei lagen van de samenleving. Uiteraard speelt dat tegenwoordig nog steeds. Zo valt er bijvoorbeeld geen eenduidige profielschets te geven van Nederlandse voetbalhooligans die antieke binnensteden slopen, aldus criminoloog Ferwerda. Gemeenschappelijke factoren zoals ‘voetbalclub’ of ‘erbij horen’ zijn nog steeds bindend in het laten samen klonteren van groepen mensen die als het even kan schijt hebben aan de spelregels van de maatschappij. Een sluitende verklaring heeft men hier nog steeds niet voor gevonden. Feit is dat de jongeren vandaag de dag, zich net zoals vroeger, lijken te verliezen in het groepsgedrag.

heet hangijzer

Daarmee dring de vraag aan in welk opzicht de gedragingen uit -even kort door de bocht- de groep ‘straatterroristen’ daadwerkelijk een groot en vooral ‘nieuw’ maatschappelijk probleem zijn gaan vormen. Iets waar men allerlei gevoeligheden en politieke ladingen aan vast kan kleven en waar bevolkingsgroepen nu, met de verkiezingen voor de deur, opnieuw veel last van lijken te hebben. Deze vraag is moeilijk te beantwoorden. Zoals gezegd, is er in de zin van grove vormen van criminaliteit, terreur dan wel een ander soort dreiging of gevaar weinig voorgevallen. Met keiharde law & order problematiek, zoals zo veel knappe koppen ons willen laten geloven, heeft het eveneens weinig van doen. Wellicht is het hier meer op zijn plaats om vast te stellen dat het woord ‘straatterrorist’ een symbolische en vooral sentimenteel (emotioneel beladen) probleem betreft. Iedereen begrijpt dat het hier niet letterlijk om terroristen gaat; het geeft in ieder geval betekenis aan iets waarvan niemand precies de zere plek kan aanwijzen. Iedereen die het in de mond neemt, brandt er meteen de vingers aan. Het gaat dan ook niet over het plegen van strafbare feiten; hoewel de sfeer van illegaliteit wel als een vaag en donkere wolk in de lucht hangt.

gabber versus straatterrorist

Net zoals de gabbers van toen beweegt de straatterrorist zich aan de rand van de maatschappij. Dit wil zeker niet zeggen dat hij zich ook als een geïsoleerd fenomeen of lid van een groep gedraagt. En als zodanig is hij ook niet als een vaste of op zichzelf staand lid of groep te benoemen. De straatterrorist beweegt zich als het ware door onze jeugd (sub) cultuur heen. In zijn kielzog neemt hij de excessen van deze cultuur mee. Telkens weer zijn het de rotte appelen die de jeugd een slechte naam bezorgen. Het imagoprobleem onder ‘de jeugd van tegenwoordig’ speelt ook nog eens tegen een andere achtergrond dan hoe het eruit zag in de gabbertijd. De wereld is groter en complexer geworden. In allerlei opzichten vervagen de grenzen; internet, vrij Europa, multicultureel Nederland en ga zo maar door. Later kunnen we misschien nog eens op deze nieuwe generatie terugkijken en vaststellen dat zij destijds de rauwe rand vormde van onze sterk op het individu gerichte en naar identiteit zoekende multiculturele consumptiemaatschappij. Een geruststellende gedachte is dan ook dat de trainingspakken en kale koppen van de gabbers uiteindelijk ingeruild werden voor een meer maatschappelijk en geaccepteerde levensstijl. Hardcore will never die, maar aan de meeste vormen van groepsgedrag komt toch een einde. Naast gekleurd emotioneel, is het dus van belang om helder rationeel naar de opkomst van deze nieuwe subcultuur te blijven kijken.

Boef

Een goed voorbeeld van iemand die de subcultuur vertegenwoordigt, is de opruiende buurtrapper ‘Boef’. Zijn artiestennaam verklapt dat we het hier niet over een zacht eitje hebben. Hij staat zelfs onder contract bij een soort impresariaat dat hem geen windeieren heeft gelegd in het uitstralen van een bad ass imago. Kijk je naar zijn vlog’s (het tot het bot kleineren van een politieagent bijvoorbeeld), dan toont dit volgens mij gelijkenissen met gedrag dat herleidbaar is tot een (antisociale) persoonlijkheidsstoornis. Hoewel ik geen psycholoog dan wel psychiater ben, staan het mij wel vrij om een vergelijking te maken met criteria die de DSM-IV daarvoor stelt:

Ten eerste, een diepgaand patroon van gebrek aan achting voor en schending van de rechten van anderen, vanaf het vijftiende jaar aanwezig en tot uiting komend in diverse situaties, zoals blijkt uit drie (of meer) van de volgende kenmerken:

-niet in staat zich te conformeren aan de maatschappelijke norm dat men zich aan de wet moet houden, zoals blijkt uit het bij herhaling tot handelingen komen die een reden voor arrestatie kunnen zijn

-oneerlijkheid, zoals blijkt uit herhaaldelijk liegen, het gebruik van valse namen of anderen bezwendelen ten behoeve van eigen voordeel of plezier

-impulsiviteit of onvermogen ‘vooruit te plannen’

-prikkelbaarheid of agressiviteit, zoals blijkt uit bij herhaling komen tot vechtpartijen of geweldpleging

-roekeloze onverschilligheid voor de veiligheid van zichzelf of anderen

-constante onverantwoordelijkheid, zoals blijkt uit het herhaaldelijk niet in staat zijn geregeld werk te behouden of financiële verplichtingen na te komen

-gebrek aan berouw, zoals blijkt uit de ongevoeligheid voor of het rationaliseren van het feit anderen gekwetst, mishandeld of bestolen te hebben

Ten tweede, de leeftijd is ten minste achttien jaar.

Ten derde, er zijn aanwijzingen voor een gedragsstoornis beginnend vóór het vijftiende jaar.

Ten vierde, het antisociale gedrag komt niet uitsluitend voor in het beloop van schizofrenie of manische episodes.

Boef’s raps en vlog’s lijken vooral aan te slaan bij (soms zeer) jeugdige fans. Ze voelen zich tot hem aangetrokken, schamen zich niet voor het eigen gedrag en dragen dit ook openlijk uit.

wakker worden

Het cultiveren van openlijk misdragingen staat haaks op het principe van meedoen met het maatschappelijk belang. De straatterrorist beweegt zich in de richting van sociaal isolement en het zakken door de ondergrens, zou je denken. Toch is het ook de taal van de straat wat jongeren bindt in het ontwikkelen van sociale bewegingen en integratie. Ze zijn boos, begrijpen zichzelf en hun omgeving niet en zoeken samen naar houvast in de vorm straatcultuur en het ontwikkelen van individueel talent. Dat dit gepaard gaat met horten en stoten en ook al vallen er (soms) rake klappen, dat hoort er nu eenmaal bij. Puber zijn is tijdloos, maar kent evenwel zijn eigen tijd. Laten we voor 2017 de pubers van bijvoorbeeld Poelenburg wakker maken voor de realiteit. Wat dat vandaag de dag ook mag zijn.

 

 

 

 

 

 

Het probleem van ADHD!

Dit soort gedrag bestaat dus echt! klikker de klik:

Vicki’s ADHD

 

De tuinman uit L.A.

Dit kwam ik per toeval tegen op het internet.

Prachtig om te zien hoe deze tuinman de oplossing in het probleem zelf ziet; hij krijgt het letterlijk van de grond!

denkvoer

Wat heb ik het afgelopen jaar gedaan met voeding? Uiteraard heb ik mijzelf als geinteresseerde/afgestudeerde bezig gehouden met de wondere wereld van westerse voedingsgewoonten (en effecten!), tot meer dan stof tot nadenken heeft het dit jaar jammer genoeg niet geleid. Bevrijdend voelde het dan ook toen ik onlangs de eigen handjes kon laten wapperen bij een kleinschalig kantineproject vanuit de sportvereniging hier in de buurt. Hoewel men bij deze korfbalvereniging enthousiast was het aanbod uit de kantine ‘tot op zekere hoogte’ uit te breiden -denk dan bijvoorbeeld aan het aanbieden van artikelen zonder al die toevoegingen waarvan we weten dat ze mogelijk schadelijk kunnen zijn-, was het absoluut niet de bedoeling dat ik ook aan het populaire aanbod aan merken en producten mocht zitten, ook al staan ze uiteindelijk te boeken als ‘schadelijk’. Men heeft hier immers een contract met een leverancier, en vandaar dat deze merken dan ook standaard uit het pakket moeten worden geleverd. Dit probleem werd mij afgelopen week nogmaals duidelijk na een dagje zoet te zijn geweest met kinderen van een middelbare school uit het oosten van het land. Mijn oog viel daar op het aanbod uit de professionele schoolkantine/ catering waarbij de snacks en (fris) dranken die schoolkinderen buiten lunchtijd uit de muren en de 7 (!) losse kasten kunnen trekken het meest in het oog sprongen. Ik verwachtte natuurlijk niet dat de kinderen daar met een broodje boerenkaas in de mond en een bekertje verse melk in de schooltas zich vanaf huis naar school zouden bewegen; maar om een aanzienlijk aantal kinderen met een blikje energydrank en een zak felle en/of vele kleurstellingen snoepjes en aanverwanten in de handjes al struikelend en ruziend over de gangen te zien snellen, was ook voor mij weer even een echte eye opener. Volgens mij is hier de gedachte dat het in het verlengde van een schooltaak ligt om tevens aandachtig bezig te zijn de zaken die zich rond het onderwijs afspelen, toch zeker ook binnen deze school op zijn plaats. Of, om het wat platter te stellen: Breng kinderen in een half uur pauze niet in de verleiding vol te lopen met allerlei activerende additieven voor of nadat de docenten in acht keer vijftig minuten naar de ‘uit’ knop moeten gaan zoeken. Nu voelt het voor mij dan ook weer niet zo dat ik het schoolbestuur op de verantwoordelijk zou moeten wijzen, noch leef ik in de waan dat ik vanuit mijn criminologische invalshoek een heus expert ben op het gebied van (de grote van) dit voedings/ gedragsprobleem. Ik ben dan ook heel blij dat de mensen bij de korfbalvereniging een eindje wilde meegaan in mijn welhaast overdadige verhaal over voeding en gedragsproblematiek; de kern daarvan vonden wij toch zeker ook relevant voor die knusse kantine daar.

Welkom!

Welkom op mijn blog over voeding en risico. Hier kunt u lezen waarom ik mij als criminoloog bezig houd met de risico’s van voeding; een niet alledaagse combinatie tenslotte. Door middel van een blog wil ik ten eerste de gevestigde of aanstaande criminologen wijzen op de relevantie van voeding ten aanzien van afwijkend of antisociaal gedrag. Ten tweede biedt dit iedereen die geinteresseerd is de mogelijkheid om mijn scriptie te downloaden. Een ieder heeft met voedsel van doen. Ook de problemen die hiermee gepaard gaan, krijgen wij allemaal op ons bordje. In de toekomst zal ik met enige regelmaat een stukje over dit probleem schrijven en op deze blog plaatsen. Voor nu is er in ieder geval voldoende leesvoer, en de koek is nog lang niet op! Groet Tom Ros